Specialisatie Vergelijkende Indo-Europese taalwetenschap

Wat hebben Nederlands, Russisch, Hindi en Perzisch met elkaar te maken? Op het eerste gezicht weinig. Toch hebben deze talen een gemeenschappelijke oorsprong: het Indo-Europees. Deze oertaal werd waarschijnlijk rond 3500 voor Christus gesproken in Zuid-Rusland. De mensen en hun taal verspreidden zich over alle windstreken, van Noordwest-Europa tot India. Er ontstonden regionale verschillen en uiteindelijk verschillende talen.

Bij deze specialisatie onderzoek je hoe de Indo-Europese talen door de eeuwen heen zijn veranderd. Je zoekt hierbij naar patronen en verbanden. Al vergelijkend en puzzelend reconstrueer je de taal én de geschiedenis van de Indo-Europeanen.

Jurgen van den Heuvel

“Het is leuk om grammatica’s te leren van talen als het Middelnederlands, Gotisch of Hettitisch om daarna de samenhang te kunnen ontdekken. Mijn kijk op taal is in een halfjaar erg veranderd.”